Hoe kan je je kind helpen?

Hoe kan je je kind helpen?

  • Geef je kind dagelijks de kans om te vertellen wat het geleerd heeft.
  • Met het regelmatig oefenen (5 à 10 min.) van bijvoorbeeld de klok, de tafels, rekenen met geld, rekenen met kommagetallen, ... bereik je vaak veel meer dat af en toe een uur aan een stuk door te zwoegen.
  • Stimuleer zelfstandig werk, maar blijf nog controleren. (meer informatie over zelfstandig werken zult u binnenkort op deze website vinden).
  • Moedig je kind aan. Vertrouwen hebben in je eigen kunnen is zeker en vast onmisbaar !

Toetsen 1ste trim

Beste ouders en kinderen.

Zoals jullie al gemerkt hebben, is de eerste reeks boeken van taal en rekenen al helemaal ingevuld. Hierdoor zullen er enkele grotere toetsen volgen over hetgeen dat we geleerd hebben, maar geen paniek …

Hieronder vind je enkele tips die je zullen helpen om goede toetsen te behalen.

 

REKENEN

GETALLENKENNIS

• Getallen - De getallen rangschikken

- Sprongen maken op een getallen as

- Getallen kunnen splitsen in D, H, T en E

- Getallen afronden tot op een honderdtal en een duizendtal

• Breuken

- Een breuk van een hoeveelheid nemen

- Een geheel achterhalen , tekenen

- Gelijkwaardige breuken zoeken

- Breuken ordenen

- Breuken groter dan 1 geheel structureren

• Verhoudingen

• Staafdiagram

 

BEWERKINGEN

• Handig rekenen

• Hoofdrekenen

• Cijferen (ook maal met twee getallen)

 

METEN EN METEND REKENEN

• Kloklezen (analoge en digitale klok)

• De tijdsduur berekenen

• Lengtematen (m, dm, cm)/ inhoudsmaten (l, dl, cl)

• Het gemiddelde berekenen

• De omtrek meten

• Euro en eurocent

• Kalender aflezen

 

MEETKUNDE

• Blokkenbouwsels

• Evenwijdige rechten en loodrechte rechten

• Verschillende driehoeken en hun eigenschappen

• Kenmerken van vierhoeken ( vierkant, ruit, parallellogram, rechthoek)

 

TAAL

 

LEZEN

• Verschillende tekstsoorten herkennen ( overtuigende tekst, informatieve tekst, ontspannende tekst, instructie, ...)

• Bepalen of een tekst fictie ( fantasie) of non fictie (echt ) is.

• Informatie in een tekst opzoeken

• De betekenis van verwijswoorden achterhalen en verwijswoorden opzoeken.

• Een woord in een woordenboek kunnen opzoeken .

 

TAALSYSTEMANTIEK

• Het onderwerp en de rest van de zin aanduiden

• Met zinnen experimenteren( zinsdelen langer maken, korter maken, woorden vervangen door verwijswoorden)

• Werkwoorden + werkwoordentabel (infinitief, de stam, tegenwoordige tijd, verleden tijd, klankverandering, geen klankverandering)

• Aangeven of een woord een persoonsvorm is

• Woorden alfabetisch ordenen

• Een woord in een woordenboek opzoekenn, trefwoorden opschrijven

 

SCHRIJVEN

• Een verhaaltje schrijven

• Feiten ( wat er echt gebeurt is )en meningen ( wat je er van denk) schrijven

• Een kattebelletje herkennen

• Een verhaal schrijven met volgende woorden: over, voor, wanneer, eerst, daarna, vervolgens, ten slotte, na)

• Een artikel schrijven waarvan een titel gegeven is

• Een menukaart maken

 

FRANS

 

LUISTEREN

• Naar een tekst luisteren en zinnen aanduiden die in de tekst voorkomen

 

GRAMMATICA (grammaire)

• De werkwoorden être en avoir vervoegen

• Gebruik kunnen maken van :

- Son, sa, ses

- Mon ma mes

- Ton ta tes

• De lidwoorden:

- le, la, l’

- un, une

WOORDENSCHAT (vocabulaire)

• correcte zinnen maken met gegeven woorden

• de woordenschat van module 1 tot 5

Agenda

Volgende bibliotheek bezoek:

-

Volgende kinderraad:

-

Archief

website door
Infinwebs Website Ontwikkeling